Rijpaard (springen en dressuur)














Tuigpaard





Gelders paard


Jong KWPN



Toepassen

Door een goed stal- en weidemanagement verlaagt de parasitaire infectiedruk. Hierdoor kunnen ontwormingsmiddelen gerichter worden ingezet en wordt het ontwikkelen van resistentie vertraagd.

Een doordacht weidemanagement draagt bij aan het verlagen van de infectiedruk op de weide. Dit vraagt extra werk, maar is noodzakelijk om resistentie tegen wormmiddelen te beperken.

Weidemanagement
Het regelmatig verwijderen van mest is hierbij essentieel: verwijder twee keer per week de mest van de weide en in paddocks dagelijks. Daarnaast is het belangrijk om overbezetting te vermijden; één paard per hectare geldt als richtlijn. Bij een te hoge bezetting gaan paarden juist rondom mestplaatsen grazen, terwijl de besmetting met wormenlarven daar – tot circa 50 cm rondom de mest – het hoogst is. Afwisselend grazen met kleine herkauwers, zoals runderen, schapen en geiten, helpt om de wormcyclus te doorbreken. Larven die door deze dieren worden opgenomen, ontwikkelen zich namelijk niet tot volwassen wormen. Ook het roteren en laten rusten van weides is van belang. Na één jaar leegstand neemt de besmetting van cyathostominae al sterk af en na twee jaar is een weide vrij van larven. Bij bijvoeren in de weide verdient het gebruik van een hooiruif de voorkeur, zodat het hooi niet in contact komt met besmet gras. Daarnaast zorgt het hooien van de weide ervoor dat aanwezige larven worden afgedood en de besmettingsgraad afneemt.

Stalmanagement
Met spoelwormen besmette stallen kunnen jarenlang infectieus blijven en vormen daarmee een belangrijke besmettingsbron voor veulens en jaarlingen. Een goede stalhygiëne is daarom essentieel. Bij individueel gehuisveste paarden is het voldoende om de box één keer per dag uit te mesten. In groepshuisvesting wordt geadviseerd om de stal één keer per twee weken uit te mesten. Eitjes van spoelwormen kunnen jarenlang in de stal overleven. Door de stal grondig te reinigen, bij voorkeur met stoom, kan de infectiedruk aanzienlijk worden verlaagd. Er bestaan geen ontsmettingsmiddelen die deze eitjes volledig afdoden. In stallen waar een merrie met veulen staat, is extra hygiëne noodzakelijk. In dat geval wordt aangeraden om twee keer per dag uit te mesten.

Nieuw paard op stal
Bij de komst van een nieuw paard is het belangrijk om besmetting van de bestaande groep te voorkomen. Ontworm het paard bij aankomst en plaats het gedurende twee weken in quarantaine, bijvoorbeeld op een aparte paddock. Pas na een negatief mestonderzoek kan het paard worden toegevoegd aan de kudde.

Mestonderzoek
Mestonderzoek vormt een belangrijk onderdeel van een wormbeheerprogramma. In het voorjaar is het beste moment hiervoor twee weken vóór het opweiden. Voor paarden die het hele jaar buiten lopen, is begin maart een geschikt moment. Tijdens de zomermaanden wordt geadviseerd om twee tot drie mestonderzoeken uit te voeren, zodat gemonitord kan worden of aanvullend selectief ontwormen nodig is. Voor mengmonsters of monsters van jonge paarden geldt een behandelgrens van EPG > 200. Voor individuele monsters van volwassen paarden ligt deze grens bij EPG > 500. Uw dierenarts is de aangewezen persoon om samen met u een passend wormcontroleprogramma op te stellen en u te adviseren over het management en het inzetten van het juiste wormmiddel op het juiste moment.

Meer informatie

Bron: Zoetis
Foto: Archieffoto

Lidmaatschap KWPN

  • Iedere maand het KWPN Magazine - In de Strengen
  • Onbeperkt toegang tot KWPN.tv
  • Gratis advertenties plaatsen op KWPN Horses for Sale
Word nu lid
€22,- per jaar

JongKWPN lidmaatschap

  • Ben jij tussen de 16 en 30 jaar?
  • Ben jij geïnteresseerd in fokkerij en sport? 

Dan is JongKWPN vast en zeker iets voor jou! JongKWPN biedt een gevarieerd programma. 

Word nu lid

Official Partners


Het KWPN maakt gebruik van cookies

Wij vragen uw akkoord voor het gebruik van cookies op onze website. Meer informatie is beschikbaar in ons cookiebeleid.

Cookiebeleid